warme lange fijne dagen
Het was nog frisjes toen ik richting Neuilly reed. Druk sms-send met Mark, die me meldde dat het hem niet zou lukken op tijd in Neuilly aan te komen. Tussen hem en het huisje van Nirdosh lagen nog 40 kilimeters te wachten op overbrugging. Ik moet zeggen, het heeft wel wat om op zondagavond tegen twaalven in een onbekend frans dorpje een hotel met bloemetjesbehang binnen te lopen voor een rendez vous met je eigen vent. Die dan al de hele avond zit te wachten op je komst. Vooral dat laatste is een niet te onderschatten meerwaarde van zo’n ontmoeting.
Nadat de vent heroverd was, ben ik doorgereden naar Neuilly en Sancerre, er was een sleutel, er was hout om te stoken, en sowieso bestaat er geen beter huisje dan Nirdosh’ nederzetting om een rustdag te houden -voor Mark- en een aankomstdag -voor mij-.
Deze dag werd het weer mooier en mooier en toen we woensdagochtend vertrokken was de lucht stralend blauw. In een mum van tijd betraden we het Sancerre gebied. Roald, thuis, had de Sancerre aangekondigd als een asperge wijntje, maar ik moet hem toch bij de eerstvolgende ontmoeting laten weten dat dit etiket de wijn geen recht doet. In het Sancerre gebied wordt met veel mensen hard en vrolijk gewerkt aan de wijnvelden. Overal ‘vonden’ we witte autootjes naast de velden. En overal waren barretjes waar we iets konden drinken. Maar de les is snel geleerd: een wijntje – Sancerre om drie uur ‘s middags in de warmte is natuurlijk een slecht idee maar een heerlijke smaak. We bleven die nacht in Saturn bij Sancerre.
Deze pelgrim kijkt gelukkig voetbal. (Ik zou willen zeggen tegen iedereen die in een huisje in Frankrijk zit en die een rennende man voorbij ziet komen met op zijn hoofd een hoedje en een zonnebril en op zijn rug een grote rugzak…Mocht het toevallig rond de tijd zijn dat Nederland gaat spelen, wees zo lief en open uw deuren , het enige wat deze pelgrim behoeft is het zien van de voetbalwedstrijd NL tegen… – diverse mogelijkheden nog te gaan – .) Mark zegt: Het lijkt misschien rennen maar is toch ook een kwestie van timen, zoals de kroeg binnewandelen net op het moment dat Sneijder het enige doelpunt tegen Japan maakt
Van Sancerre via het Pouilly Fumé gebied langs de Loire afgezakt naar Charité.
Een heel mooi plaatsje aan de Loire met een rustige camping -met tv-. De kerk van Charité is een puzzel waarin alle eeuwen steeds weer aangebouwd en afgebrand en toegedekt en volgestopt is…maar de mensen in Charité zijn echt erg aardig. -We vermoedden dat enige ondeugende Charité monniken hun zaad hebben verspreid in het stadje door de eeuwen heen.- De belangstelling werd wat heen en weer geslingerd tussen het voetbal en de kerk. Ik persoonlijk vind het een mooi evenwicht, brood en spelen. Maar dat zal bij het plaatsje horen en het beviel ons er zo goed dat we een rustdag genomen hebben.
Op naar Néver. En dat was een lange dag. Niet alleen het verlaten van de Loire, van de weelderige wijnstreken, maar ook het weer werd voor ons lopers beslist niet makkelijker. Het was inmiddels tot 32 graden overdag. ieder bosje is een geluk dat je toevalt. Nu viel ons qua bos veel geluk toe. Dwars door de bossen liepen we op paden waar niet alleen wij als lopers, maar ook een koppel met 4 schrikachtige paarden op reis waren. En een stuk of wat crossmotoren. Dus.
De paden werden drukker en omdat we de G3 volgden, ofwel het Santiago pad gingen we er maar van uit dat er veel verschillende manieren zijn in het pelgrimeren naar Santiago. Een van de manieren, op meerdere plaatsen aangekondigd, is het lopen met een of twee ezels.
Een oude droom van Mark. Er is iets voor te zeggen, als je verstoft en bezweet met je rugzak door echt heel warme velden loopt. En toch is het wonder dat je met je eigen benen zo ver kan komen, dat je gewoon door de deur uit te lopen en bezig te blijven met lopen je na 6 weken zomaar 1000 kom verder weg brengen geweldig. Wat ik nu ook heb meegemaakt en mooi vind, is de belangstelling van veel mensen voor de tocht. Meerdere mensen vragen of Mark op weg is naar Santiago. Het antwoord is meestal een ‘ongeveer zoiets’ en in sommige gevallen specifieker. Maar de belangstelling is echt gemeend en dat moet wel goed doen. Er is respect en dat is mooi.
In Never ligt de Heilige Bernadette van Lourdes opgebaard, en die moesten we zien. Ook deze zondag was het kiezen tussen werelds vermaak en het Echte Werk: voor ons hotel werd al in alle vroegte de markt opgebouwd. Een enorme Koninginnedag markt. Nirdosh zou ons een dag komen vergezellen en gedurende het wachten op haar komst hebben we dus toch nog wat leuke koopjes kunnen doen -ik ben naar huis gereden met een schoolklas-landkaart van Frankrijk in de auto. Een mooi aandenken voor later- .
Nirdosh kwam, en we togen naar Bernadette. Vanaf 1928 ligt haar lichaam opgebaard in de kerk. In een soort sneeuwwitje-kist van glas. Meerder malen is de Heilige Bernadette de Lourdes begraven en weer opgegraven en steeds kwam zij weer ongeschonden te voor schijn. Er was veel belangstelling voor haar. Nirdosh en ik -toch kijkers van beroep- zetten al onze ogen op scherp en zouden het liefst dat heel erg mooie fijne gezicht aangeraakt hebben. Toch voelde onze bijna wetenschappelijke nieuwsgierigheid niet helemaal terecht in deze context van devotie: hier kan niet getwijfeld worden. Voor de gelovige medemens was er geen enkele twijfel over de echtheid. Ik wil daar graag nog eens met Frank over praten. Voor Mark lijkt dat niet de wezenlijke vraag. Hij noemde deze heilige toch wel een brave versie maar haalde blijmoedig ook hier een stempel op zijn tocht.
In de warmte liep hij verder langs kanalen, op naar de volgende Madonna. Met pijn in mijn hart weer afscheid genomen, met steeds weer een aantal vragen die bij me opkomen ‘drink je wel genoeg water’ ‘doe je wel voorzichtig’ ‘blijf groentes eten’…..allemaal nutteloze goedbedoelde zinnen, die wel duidelijk maken waarom er vroeger geen vrouwen mee mochten op de pelgrimstochten…
groet uit Orleans
Uit een telefoontje met mijn lief begreep ik dat meer mensen mijn blog volgen dan ik zelf had gedacht. Vandaar nu aan ieder die meeleest een hartelijke groet van bij de koffie in Orleans, beetje of we effe samen een bakkie doen.
Daarnaast ben ik zo vrij geweest om een kaarsje op te steken voor alle volgers van het blog, dus ook voor overtuigde atheisten zoals Frank en mijn vader. Zie het maar als oud taalgebruik om goede wensen kenbaar te maken.
Het kaarsje is opgestoken bij de Notre-Dame des Miracles, die al meer dan 14 eeuwen wordt aanbeden in Orleans. Zij staat bekend om de vele wonderen die zij verricht heeft, dus voor de overtuigde gelovigen onder jullie, als er vandaag of morgen een klein mirakel plaatsvindt in je leven dan weet je dat je de Notre-Dame de Miracles de Orleans kunt bedanken.
Orleans is trouwens een fijne stad; prettig centrum en vooral aardige en open mensen; man stopt om lift te geven, twee blink blink binken stoppen hun blink-auto om te vragen vanwaar ik wel gewandeld kom en geven volle complimenten voor mijn tocht, vrouw van theater Tete noir denkt mee waar te overnachten en zo door..
en nog een groet
Chartres
44 dagen heb ik erover gedaan naar Chartres te lopen, mooi getal zegt mijn lief, heb je t erom gedaan?, nee dat heb ik niet, maar ben wel de laatste dagen meer bezig geweest met het doel dan met de weg,
niet zoals op het steen bij St Jost in de Eiffel, de pelgrimsgedachte dat de weg het doel is, maar kilometers maken, doorstappen, op weg naar Chartres, mijn belangrijkste doel nu.
Een samenballing van energie, van gedachten, gevoelens, emoties, allemaal rond het thema van het kind dat zich aankondigde maar toch niet kwam. Het begon in Chartres meer dan 10 jaar geleden. Voor die tijd wist ik niet van die diepe wens, van vader worden, een gezin stichten met mijn lief, wij samen en nog een wezen dat zich bij ons aan zou sluiten. Voor ik de wens had was het leven anders en sinds duidelijk is dat de wens niet in vervulling gaat heb ik op die plek slechts te rouwen. Maar rouwen ken ik niet, weet ik niet, behalve lopen dan.
Ik stap de kathedraal binnen, ik loop naar waar ik nog weet dat het labyrinth is, ga zitten op de stoelen, mijn rugzak naast me. Emoties ben ik wel gewend, die mogen gewoon de vrije loop, maar zo’n gevoel dat ik in een labyrinth gevangen zit, en de uitweg niet vinden kan, dat is veel moeilijker te dragen. De stoelenrijen staan op het labyrinth, het is ook moeilijk te zien van waaruit ik zit, hoe het loopt. Ik sta op naar het begin en begin met mijn ogen het labyrinth door te lopen, tussen stoelen door, eromheen, langs mensen die op keerpunten zitten om uiteindelijk in het midden uit te komen. Het gevoel van gevangen zitten is weg, hoe eenvoudig kan het zijn.
Ik loop naar de zwarte Madonna van Chartres, en steek kaarsen op, voor iedere ontmoeting een. Ik ga ze na in gedachten en zit daar op een bankje. Kaarsen vlak bij me. Ik heb een goed gesprek met haar, met mezelf. Ik val tot rust.
Bezoek de volgende dag de crypte met de Notre-Dame-De Sous-Terre. Crypte betekent verborgen, ze is daarmee de Vrouwe die in de aarde verborgen is. Aansluitend op de rondleiding volgt een mis. Bij het hoogtepunt van de mis, het zegenen van brood en wijn, krijgt de priester een kriebelhoest. Hoestend en kuchend werkt hij zich door de teksten heen. Ik kan niet anders dan het grappig vinden. Het lijkt wel alsof de Vrouwe van onder de grond de priester een beetje in z’n keel aan het kietelen is. Dat kan ze met haar ogen dicht.
Graan, bier en champagne
Route: van Buzancy naar Epernay
Tijdelijke pelgrim: Frank Groenhuis
Technische details: ca. 120km in vier dagen (31 mei t/m 4 juni 2010)
Wie is dat eigenlijk, die Frank Groenhuis?
Mark omschrijft hem terecht als ‘klimvriend’. Na een alpine cursus in 2008 zijn beide mannen regelmatig gezamenlijk op pad geweest. Eigenlijk altijd met een sportklimgebied of de Alpen als bestemming. Soms een paar dagen, soms langer. Ondanks behoorlijke verschillen in karakter en belangstelling is er toch sprake van een duidelijk klik tussen de heren. Het was natuurlijk wel de vraag of deze klik bestand was tegen uitgestrektheid van het Noord-Franse platteland.
Hoe is de tocht verlopen?
Het geheel kende een kil en regenachtig begin en een zomers einde. Ergens in de Franse Ardennen ligt het dorpje Buzancy. Hier troffen de pelgrim en zijn gast elkaar op zondagavond. Het regende pijpenstelen. Het weerzien, de door Mark geregelde huisjes en de door Frank meegebrachte Grappa maakten er toch aangename avond van.
Dag twee kende veel bos en asfalt en bracht de wandelaars naar het stadje Vouziers.
De verschillen in karakter tussen de heren kwam hier tot uiting tijdens de voor hen gebruikelijk schaakpartij: een voorsprong van een pion, door de gast verbeten bevochten, zorgde voor de ondergang op het bord met 64 velden van de zorgeloze, altruïstische pelgrim. Het bier en eten smaakte echter uitstekend. Ook de slaapplaats, in een in die streken inmiddels zeldzaam bosje, een uurtje lopen van Vouziers voldeed aan de normen van het wildkamperen.
Het aloude gezegde ‘dinsdag, asfaltdag’ bleek ook in Frankrijk van toepassing te zijn. Natuurlijk werd er taart gegeten om de eerste pelgrimsmaand te vieren maar het hoogtepunt van de dag was een zeer smakelijke maaltijd bij een Duits oorlogskerkhof (WOI) terwijl er op nog geen 20 meter afstand een aantal kraaien met behulp van een jachtgeweer naar de kraaienhemel werden gestuurd. Aan de vriendelijke verzoeken van de reizigers om hun tentjes een nachtje in een van de onmetelijke achtertuinen/weilanden van het dorpje Aussonce te mogen opzetten werd geen gehoor gegeven. Analyse achteraf lijkt aan te geven dat de boomlange gestalte en de dreigende uitstraling van de gast de doorslaggevende factor hierbij waren. Het kan niet gelegen hebben aan het vriendelijke voorkomen van de Monserat-ganger. Wederom wildkamperen dus!
Woensdag leidde het pad, in dit geval een oude Romeinse weg, naar Reims. Het weer was gekanteld, de zon begon duidelijk de overhand te krijgen. Reims, met zijn prachtige kathedraal, bood de randoneurs een prachtige slaapplek in een soort jeugdherberg, koud bier en mosselen.
En ook hier het verschil in wereldbeleving tussen gastheer en meeloper: waar de eerste in het Gotische huis van de bisschop zoals gebruikelijk een kaars opstak om vrienden en naasten te steunen weigerde de meeloper botweg in dergelijke rituelen mee te gaan!
De laatste wandeldag liepen de klimvrienden Reims en haar agglomeratie uit, langs wijngaarden (champagne!), door een zich over kilometers uitstrekkend woud, wederom wijngaarden (champagne!), dorpjes, en tenslotte een lange entree naar Epernay. Uiteraard dronken de heren hier bier, koud bier, ondanks de overdadige presence van dat andere koolzuurhoudende vocht. Dit laatste gezamenlijke stukje tocht werd afgesloten met een rijkelijk overgoten maaltijd op een terras in de stad
Op de ochtend van de vijfde dag is de tijdelijke meereiziger per trein en liftend afgereisd naar Buzancy. De pelgrim gaat voort.
Kunnen er nog lessen uit de wandeling van de eerste week van juni worden getrokken?
Mark doet op zijn website een aantal mededelingen over het karakter van de tocht. Misschien ten overvloede een aantal aanvullingen:
– de zelfgevangen geroosterde forel aan het einde van een lange dag is eigenlijk een blikje sardientjes,
– oud brood van eergisteren is in Frankrijk echt oud brood,
– de brander functioneert prima, neem als gast wel aanmaakblokjes mee,
– twee plastik wijnglaasjes (HEMA) maken het leven van een pelgrim een stuk aangenamer,
– de pelgrim heeft een vreemde, haast mytische aantrekkingskracht op vrouwen die de 70 ruimschoots zijn gepasseerd. Alles willen ze weten van zijn tocht en zijn motief. En hij vertelt het ze ook!
Conclusie
Dit stuk van Mark’s pelgrimage had veel in zich: regen, zon, saaie stukken, prachtige stukken, compacte dorpen en steden, (zeer) uitgestrekte velden en akkers. Maar vooral kameraadschap en vriendschap. Bedankt pelgrim!
La vierge de Montserrat en France
Hervé had me verteld dat er in een dorpje vlakbij, op mijn route zelfs, een zwarte Madonna was. Hij had me ook een briefje gegeven met de naam van een meneer in Beaufort-en-Argonne, een dorpje 3 km van Halles-sous -les-Cotes waar de zwarte Madonna zou moeten zijn. In Beaufort probeer ik zoals meestal eerst even of de kerk open is. Een boer die met zijn melktank bezig is vraagt me of ik de kerk wil zien. Ik laat hem het briefje zien dat Hervé geschreven heeft. Hij knikt en verwijst me naar de straat om de hoek, het huis met het tuintje. Er blijken meerdere huizen met tuintjes te zijn, maar gelukkig is ook hier iemand op straat. Ik laat hem het briefje zien en de man zegt enigszins verbaasd “C’est moi”; Als ik hem uitleg dat ik langs Vierges Noires naar Montserrat loop nodigt hij me enthousiast uit voor een kop koffie en houdt een uitgebreid interview waarbij hij alles noteert. Ik van mijn kant stel ook vragen en kom te weten dat het kerkje van Halles-sous-les-Cotes gewijd is aan La vierge Noir de Montserrat. Dat is ontstaan in de periode dat dit gebied net als Nederland en Belgie aan Spanje toebehoorde. Monsieur Mayot vertelt nog trots dat de abt van het klooster vorig jaar het kerkje in Halles heeft bezocht. In die hele 400 jaar was dat nooit gebeurd, maar de abt kwam bedanken voor bijstand vanuit Halles tijdens de voor het klooster moeilijke periode in de 20ste eeuw. Monsieur Mayot wil me ook wel even naar de kerk brengen, hij heeft de sleutel en het is niet zeker of hij open is. Ik leg regel 3 uit, dat ik alles te voet doe, en we spreken af dat hij een half uurtje later komt om de kerk komt openen.
Binnen de kerk is een vrijwel identieke kopie van La Moreneta te zien, hij is alleen 5 cm kleiner dan de echte in Montserrat. Monsieur Mayot maakt een foto van mij, ik vermoed voor een artikel in zijn kerkblaadje. Ik maak er een van hem voor mijn blog.
Monsieur Mayot laat me alleen in de kerk achter. Ik zit nog even stil te kijken naar het beeld en vermoed dat ik in Montserrat niet zo ongestoord rustig het beeldje kan bekijken. Ik bedenk ook dat het het me toegevallen is dat Hervé, de tipgever, net langsreed en stopte toen ik daar bij Stenay langs de grote weg liep. Nogmaals dank Hervé.
Hoe zo, dat doe ik gewoon…
Op pinkstermaandag 24 mei 2010 vertrek ik met een geleende tomtom richting Esch sur Sure…dat was namelijk het adres wat ik van Mark en Francis kreeg het weekend voor de pinksteren. Had mijn rugzak goed in gepakt met het hoogst nodige…alhoewel het toch nog ongeveer 10-11 kilo bleek te zijn. Moest het tentje nog bij…De zon scheen en met mijn open cabrio voelde ik me toch wel een beetje stoer. Bij aankomst in Esch sur Sure heb ik eerst het kleine pitoriske stadje bekeken. Het was vol met motorrijders, die bleken een tocht te hebben. Op het terras trof ik Mark en Francis…die waren toe aan een biertje, maar er bleek alleen maar koffie te zijn.. Daarna inderdaad gegoogeld met auto’s en daarna een goede maaltijd.
De volgende ochtend met elkaar gestart met uit gebreide koffie en taart en daarna hebben we F uitgezwaaid op de brug.! En toen ging de gezamenlijke wandeling met M echt beginnen.. De zon scheen en we begonnen meteen met een prachtige route langs de rivier, met veel klimmen en dalen…Ik was niet echt getraind en langzamerhand begon ik vooral dat dalen wel te voelen in mijn knieen…de wandelstok, die tevens ook een tentstok is van de tent van M, bleek erg behulpzaam.
Na ongeveer 22 kilometer bleek ons einddoel van de dag, een camping, helaas niet meer te bestaan. Een kleine teleurstelling, maar die kon ik wel incasseren…mijn benen en knieen begon ik wel echt te voelen, maar ja geen camping, is geen plek om te slapen. Na gespeur van M op de kaart zijn we verder gelopen…richting het bos. Uiteindelijk kwamen we aan op een heuvel, met daarbij een prachtig uitzichtspunt en een hutje en…een houten picknicktafel!! Een geweldige plek om wild te kamperen!! We troffen 2 stellen die met een camper ook op die plek stonden en die waren voorzien van alle gemakken….bleken ook bier in hun camper te hebben.
Gelukkig had ik een eerste maaltijd meegenomen en die smaakte ons met het bier heel erg goed. De tent op gezet en ik was wel klaar met mijn eerste wandeldag.
De tweede dag begon met prachtig weer en toch wel met wat pijn in de knieen…ai…de wandeling begon weer meteen met dalen en de wandelstok was onmisbaar! Onderaan het pad bleek ik mijn handdoek vergeten te zijn…wat dom. M maakte zich zorgen om mijn knie en die huppelde vriendelijk de berg op om mijn handdoek te gaan halen…waarvoor nogmaals mijn dank Mark! Onderweg werd ik door M ingewijd in de kracht van de waterfilter…wat een heerlijk warme kop thee opleverde! Na 10 km waren we toe aan een uitgebreide lunch ( wandelen maakt moe en hongerig…waar heb ik dat eerder gehoord??).
Tijdens de lunch kwamenwe in gesprek met twee jonge Belgen, die wild hadden gecampeerd en mooie verhalen hadden over eerdere reizen en ervaringen. Ze hadden meteen nog een paar goede tips voor de route. Vervolgens in het dorpje boodschappen gedaan en zijn met een vergissing in de route richting een uitgebreid bosgebied gaan lopen. Tijdens de wandeling veel ervaringen en emotionele pijnmomenten met elkaar gedeeld…onze vrienschap gaat al een tijdje mee en het is bijzonder elkaar toch ook op die manier telkens weer te ontmoeten!! Mijn knieen begonnen inmiddels weer erg op te spelen en M stelde voor om opnieuw wild te gaan camperen…op de plek waar ook de jongen Belgen hadden gestaan. Mooi kampvuur gemaakt, tentjes op gezet en eten gekookt. Langzamerhand werd de lucht erg donker en grauw en werden we overvallen door een enorme regen en onweersbui….ons terug getrokken in onze tentjes. Kon door onweer en regen niet slapen, de tent begon te lekken en er was een dier rondom te tent…voelde me ondertussen niet zo happy zal ik eerlijk bekennen….maar ook dit hoort er dus ook bij….de nacht was lang, nat en onrustig!!
Bij op staan regende het nog steeds..M had mij ‘s avonds geprobeerd een sms te doen, zijn tent was beter droog gebleven. Alles nat ingepakt..in het pannetje was nog een beetje thee van de avond daarvoor en vervolgens gingen we verder op pad door het natte bos. Fysieke inspanning en natte omstandigheden leiden bij mij tot emotionele schommelingen… volgens mij is een pelgrimstocht in deze vorm dan ook een juist moment jezelf weer eens tegen te komen en ik kan vertellenen dat dit deze dag ook is gebeurd! Het weer bleef nat, we moesten een snelweg oversteken, langs een drukke weg lopen en door weilanden, bosjes en omgevallen bomen klauwteren ( M was helemaal in zijn element!!). Als beloning was daar een B&B bij een schapenboer. Ik was redelijk brak..bij aankomst werd ik nog in mijn kuit gebeten door de hond van de eigenaren…leuk welkom…Gelukkig werd dit snel goed gemaakt doordaat het gelukkig met de beet mee viel en ik warm kon douchen en in bad kon!!! Na twee dagen geen douche is dat werkelijk een geschenk zal ik je vertellen!! De avond was genoegelijk met het maken van een warme maaltijd in de keuken van de B&B, een wijntje en een kaartspel.
De vierde ochtend begon met ontbijt van de B&B. Alle spullen hadden we kunnen laten drogen en een schoon bed doet ook wonderen. De wandeling ging door weilanden, kleine dorpjes, glooiend landschap en veel natuurschoon. Veel gezelschap van buizerden en uiteindelijk van wilde zwijnen met jonkies!! Later bleken deze te horen bij een prachtig langdgoed, waar we per ongeluk overheen zijn gelopen. Ons eindoel van de dag was de Abdij van Orval. Een prachtig klooster, met veel stilte en een prachtige tuin.
Bij aankomst konden we een mis bijwonen, wat ik erg mooi vond. Daarna, hoe kan het anders, op naar het abdij bier van Orval…die me erg goed smaakte. Ik begon aan het eind van de dag weer redelijk te strompelen…De nacht hebben we door gebracht in een kleine B&B. Heerlijk gegeten, bij een ouderwets echtpaar van de B&B.
De vijfde dag stond in het teken van het bezoeken van de Basiliek van Avioth. Een prachtige plek net over de grens met Frankrijk.
Dit was een bijzondere dag voor vooral M. In deze basiliek was ooit een zwarte madonna, die jaren geleden is overgeschilderd.
We hebben de tijd genomen om beide onze gedachten in de stilte te overpeizen en te ervaren…beide hebben we kaarsjes gebrandt om het licht in ons zelf en voor anderen aan te wakkeren…
We zijn verder gelopen naar de camping in Montmedy…wat tevens ook mijn einddoel was van de 5 dagen op lopen met M zijn pelgrimstocht. We hebben de tentjes op gezet en gegeten in een restaurantje in het stadje…wat wederom stijl naar beneden liep en knieen het zwaar te verduren hadden.
De volgende ochtend vroeg op gestaan. Koffie gedronken en afscheid genomen bij het station..M als kadootje een heel kleine Ganesh kado gedaan. In de hindoeistische wereld staat Ganesh o.a.voor een voorspoedige reis en de beschermgod van het reizen. Ik wil Mark bedanken voor de ervaring die ik samen met hem mocht beleven. Na 5 dagen lopen door drie landen en vele verschillende landschappen was mijn tocht ten einde en ben ik weer een ervaring rijker!!!
Zomerse dagen
Toen ik aankwam in het Prümtal in de Eifel was het alsof het nooit koud was geweest. Mark zat op een zonnig terras te wachten en zijn zonnebril leek een deel van zijn gezicht te zijn geworden. Niets minder waar. Het was koud geweest in Duitsland. En, wat ik ook snel zou merken, het Prümtal is niet een gebied waar veel campings te vinden zijn.
Wij hebben twee keer in het vrije veld gekampeerd.
Steeds bij mooie beekjes en steeds sta ik versteld van het brandertje dat naast kookding ook een kampvuurtje kan zijn. Het is altijd gek, als je thuis aan het voorbereiden bent denk je steeds ‘dat doe ik wel’ maar al lopend wordt het lopen toch het allerbelangrijkste. Ik bedoel dat je er moe van wordt. En dorstig.
Van een klein plaatsje in de Eifel zijn we de grens overgegaan naar Luxemburg, net onder Vianden , de Ourthe over. Hopend op koffie , en het liefst een échte cappucino zonder slagroom kwamen we wel bedrogen uit: Op de grens kregen we bij een raar soort Duitse camping -je moest je eerst langs allemaal auto’s en oud ijzer en series honden een weg zoeken naar de eigenaar- die gelukkig wel drank maar geen eten en ook geen koffie had. Terwijl wij zwijgend, want moe, ons drankje nuttigde, kwamen er mannen in blauwe overalls en met oliehanden vertellen hoe erg het was gesteld met de crisis in Europa, buitenlanders, oplichters van Grieken…We werden steeds stiller. We werden gewaarschuwd voor de Luxemburgers, bedankten voor het sap en gingen de grens over.
Die avond werd het laat voor we bij een camping kwamen. Het Ourtal is ongeveer 500 meter hoog en we stegen steeds rond de 200 , 300 meter , daalden daarna en stegen weer.
Lot van de wandelaar. Het is wonderlijk wat het vooruitzicht van een douche bij een mens -mij dan- te weeg kan brengen. We kwamen rond negen uur avonds aan in het Sûredal -na een vorstelijke maaltijd in een 4 sterren restaurant, want door vrij kamperen spaar je geld uit- op een camping die in mijn ogen zó luxe was -er kwam een bákker ‘s ochtends met broodjes!- dat ik het me zal blijven herinneren als een paradijs.
Marks’ ritme is ook thuis een beetje afwijkend van dat van mij: hij begint iets later en eindigt ook later. Maar ik zie de zin er hier wel van in: in oorden waar een slaapplaats niet duidelijk is, kan je beter eten voordat je je tent opzet. De dagen worden gevuld met lopen. Eten is verschrikkelijk belangrijk. En de slaapplaats.
Lopend door Luxemburg, Pinksterzondag, stralend weer, heet, naderden we een klein dorpje. Vanaf de heuvel aan de overkant leek het een jaarmarkt. ‘Leuk!” want daar is koffie, iets te eten misschien, …vol verwachting liepen we verder. Een marionettenfestival!!!!!!
Overal poppen en mensen met poppen, een worstenkraam , ja bitte, een tent met een Frans retrobandje met Jacque Brell muziek…het was een groot kado. Ik hoop dat Mark hier de foto wil plaatsen van de mooiste meest ontroerende draaimolen die ik ooit heb gezien.
Een draak die talkpoeder spuit, een olifant die water spuit, een verbergkooi en alles in elkaar geknutseld als in, zeg maar de film Amelie. Er stonden veel kinderen te wachten. De drie draaimolenmensen speelden een geweldige rol, brachten kinderen persoonlijk naar hun plaatsen, en stelden alle kinderen op hun plaats voor aan het publiek…
Het was nog maar een paar uur lopen toen we in Esch-sur-Sûre Gerda op een terras aantroffen.
Na ingewikkelde manoeuvres met auto’s zijn we met zijn drieën eens goed gaan eten en o wat is friet dan toch lekker!!!!!!!!
Francis. Meegelopen van 20 tot en met 23 mei.
Met Georg op weg naar Kreuzberg
We treffen elkaar in Rheinbach eind van de dag in een koffietentje, slapen en eten daar en lopen de volgende dag van Rheinbach naar Kreuzberg bei Altenahr. Voor Georg een bijzonder pelgrimsdoel, aangezien zijn naam daar vandaan komt. Een voorvader van joodse komaf heeft zich in een kapelletje op de Kreuzberg tot katholiek laten dopen, waarschijnlijk om economische redenen.
De wandeling is aangenaam langs een beekje, met versnaperingen en een groep zingende pelgrims onderweg.
De kapel blijkt een heel charmant kerkje te zijn naast de burcht op de Kreuzberg. Het kerkje is nog open ook. Als half katholiek herinner ik Georg aan de mogelijkheid een kaarsje op te steken voor zijn familie.
We lopen verder naar Altenahr, bestellen een taxi bij taxibedrijf Kreuzberg om de auto op te halen in Rheinbach. Daarna maken we een tour langs Weingut Kreuzberg in Dernau, de riesling en blaue spatburgunder zijn lekker, de Cuve Georg Kreuzberg ook, maar die is wel heel prijzig.
We bezoeken ook nog het rijke en overdadige kuuroord Bad Neuenahr, de badplaats die is begonnen met een vinding van Georg Kreuzberg in de 19e eeuw. De voorvader van mijn vriend Georg zag mussen doodvallen of druiven slecht groeien en vond bijzonder water. We drinken het vieze maar gezonde water en beeindigen onze dag met weizen en Kohlrollade in de jeugdherberg van Altenahr.
outdoor equipment paradise
Wie de Bever een luxe winkel vindt moet eens gaan kijken bij globetrotter in Keulen.
Aangezien ik als oude man niet meer zo goed op een dun schuimrubber matje slaap heb ik een lichtgewicht luxe matrasje gekocht bij deze luxe winkel. Helaas ging de shop net dicht toen ik mijn matje uitgezocht had en heb ik niet verder kunnenkijken wat ze allemaal hebben.
Je leest hier blogs van mijn Te Araroa trail avontuur nu in 2025 en 2026. Als je zin hebt kun je ook blogs terug te lezen van mijn eerdere pelgrimages. Van 1 mei 2010 tot 1 september 2010 heb ik een pelgrimstocht gelopen langs Keulen, Chartres, Rocamadour en Montserrat. Onderweg heb ik veel kerkjes bezocht met zwarte Madonna’s. Gaandeweg gingen die steeds meer voor me betekenen. Ik heb al eens eerder een lange voettocht gemaakt. Destijds, ik was 27, liep ik naar Assisi. Ik liep toen alleen, klopte aan bij mensen voor overnachting. Nu liep ik gedeeltes alleen en gedeeltes samen; met een vriend, een goede collega, een fijne klant. Deze site was toen vooral bedoeld om de mensen die mee gingen lopen te betrekken en op de hoogte te houden van mijn vorderingen. Nu om wat verhalen te delen over mijn Te Araroa trail in Nieuw Zeeland.
- Black Madonna explanation by Ella Rozett
- Design master Marc van den Heuvel
- Explanation Zwarte Madonna's by Michael P. Duricy
- lichtgewicht brander
- lichtgewicht tentjes van tarptent, met foto van mijn pelgrimstocht
- Localisation des Vierges noires en France
- Paklijst voor rugzaktrektochten
- Sympathieke website over pelgrimeren







































































